“Het verval van het systeem wordt veroorzaakt doordat de leiders de interne productiestructuur van het Amerikaanse kapitalisme niet als een centraal probleem zien, laat staan dat ze die kunnen veranderen.”

Net als alle voorgaande economische systemen in de gedocumenteerde geschiedenis, is het kapitalisme op weg om de drie fases van het traject geboorte, evolutie en dood, te herhalen. De timing en andere bijzonderheden van het traject van elk systeem verschillen. Geboortes en evoluties worden over het algemeen als positief ervaren en gevierd om hun vooruitgang en perspectief. De neergang en de dood worden daarentegen vaak ontkend en worden meestal als moeilijk en deprimerend ervaren. Ondanks de eindeloze politieke betogen over een mooie toekomst, heeft het Amerikaanse kapitalisme zijn hoogtepunt bereikt en is het er zelfs overheen. Net als voor het Britse Rijk na de Eerste Wereldoorlog, is de tocht nu pijnlijk.

De tekenen van verval stapelen zich op. De afgelopen veertig jaar van trage economische groei heeft de toplaag van 10 procent rijken bijna alles zien opstrijken. De andere 90 procent had te lijden onder een beperkte groei van de reële lonen, waardoor ze massaal zijn gaan lenen (voor huizen, auto’s, creditcards en collegegeld). Hun schuldeisers waren natuurlijk meestal diezelfde 10 procent. De collegekosten stegen naarmate de vooruitzichten van afgestudeerden op goede banen en inkomens daalden. Degenen zonder een universitair diploma hadden nog slechtere vooruitzichten. De ongelijkheden in rijkdom en inkomen stegen. Om hun positie binnen deze ongelijkheden te beschermen, vergrootten de 10 procent hun door giften gevoede invloed op politiek en cultuur. Politici die zich daaraan aanpasten, versterkten vervolgens de groeiende ongelijkheid van rijkdom en inkomen in die typische spiraal van systemen in verval.

De onophoudelijk toenemende ongelijkheid is vooral pijnlijk en moeilijk voor de Verenigde Staten omdat het in de jaren dertig en veertig van de vorige eeuw tijdelijk was omgedraaid. De toen sterk verminderde ongelijkheid – gevierd als de opkomst van een grote “middenklasse” – leidde tot nieuwe affirmaties van het Amerikaanse exceptionalisme en de deugden van het kapitalisme. We leefden, zo werd gezegd, in een post-1930 “volkskapitalisme”. De bewering had een kern van waarheid, al was het niet meer dan dat. Het deed de verwachtingen van de “middenklasse” jobs en inkomens lijken op het geboorterecht van de meeste (blanke) Amerikanen. De steeds grotere ongelijkheid sinds de jaren zeventig frustreerde die verwachtingen eerst en deed ze vervolgens teniet. Een soort bitterheid over een vervagende Amerikaanse droom heeft zich genesteld en het populaire bewustzijn geprikkeld. Het kapitalisme werd een steeds grotere teleurstelling, een teken van verval van het systeem. Een ander teken is de toenemende belangstelling voor het socialisme en de verkiezing van socialisten, ondanks het niet aflatende anti-socialistische tromgeroffel tijdens de Koude Oorlog en erna.

De reactie van het land op COVID-19 levert meer signalen op. Met 4 procent van de wereldbevolking zijn de Verenigde Staten verantwoordelijk voor 20 procent van ‘s werelds COVID-19 sterfgevallen. Ondanks het feit dat het een rijk land is met een goed ontwikkeld medisch apparaat, is het systeem er als geheel niet in geslaagd het probleem aan te pakken. De reactie van de VS steekt ongunstig af bij die van veel minder rijke, minder medisch toegeruste landen. In de Verenigde Staten blijven tests, preventie, behandeling en vaccinatie ongelijk, ontoereikend en traag.

Tijdens de laatste kapitalistische crash van vergelijkbare omvang, de Grote Depressie van 1930 in combinatie met de Tweede Wereldoorlog, verminderde de extreem ongelijke welvaarts- en inkomensverdeling van vóór 1930 met meer dan een derde. In schril contrast daarmee heeft deze jongste kapitalistische crash in combinatie met een pandemie de toch al zeer ongelijke verdeling nog vergroot. De flexibiliteit van het Amerikaanse kapitalisme van 1930 tot 1945 staat in schril contrast met de stroefheid van de inkomens- en vermogensverdeling nu. Toen kwam een land samen in het gevaar. Nu is dit land verdeeld. Een nog groeiend kapitalisme raakte verstard, en het verval begon.

De laatste 40 jaar van herverdeling van inkomen en rijkdom van de armen en de middenklasse naar de top bereikte zijn hoogtepunt met de belastingverlagingen van 2017 van Trump. In de meer dan 30 jaar voor 2017 hadden bedrijven en de rijkste 10 procent (die meer dan 80 procent van de aandelen op de aandelenmarkt bezitten) ongekende winsten, in absoluut en relatieve zinten opzichte van de andere 90 procent, geboekt. Zij hadden minder dan ooit ‘nood’ aan een massale belastingverlaging. Maar de regering van de VS, die in handen was van de Tepublikeinse Partij, kon hen die belastingverlaging toch geven en deed dat ook. Dit verergerde de toch al snel stijgende afhankelijkheid van tekorten en de nationale schuldenlast die volgde op de crash van 2008-09. De ongekende en voortdurende geldexplosie en de toename van de staatsschuld zijn de tekenen bij de overheidsfinanciën van de kapitalistisch verval.

Toen het Romeinse Rijk in verval raakte, gaven velen het verzet in de verafgelegen gebieden er de schuld van. Zij werden “barbaren” genoemd, aan de kaak gesteld als “veroveraars”, en in het algemeen tot zondebok bestempeld om de aandacht af te leiden van de overvloedige tekenen van intern verval. Vandaag zijn de angst voor en de demonisering van immigranten en allerlei vreemdelingen die de Verenigde Staten economisch en politiek “bedriegen”, ook tekenen van verval. De opmerkelijke economische groei van de Verenigde Staten in de loop van haar geschiedenis “loste” haar arbeidsproblemen op door een combinatie van stijgende lonen voor arbeiders die al in het land waren en massale immigratie van arbeiders met lagere lonen. Een opkomend kapitalisme had beide componenten van die oplossing nodig en kon ze ook in zich assimileren. Het huidige Amerikaanse kapitalisme kan geen van beide aan.

De recente oorlogen van de Verenigde Staten in Afghanistan en Irak waren noch noodzakelijk, noch succesvol in militair opzicht. Ze maakten wel massale overheidsuitgaven mogelijk en rechtvaardigden stijgende “defensie”-uitgaven in de federale begrotingen. De Sovjet-Unie als grote vijand was verdwenen. Een grenzeloze, wereldwijde oorlog tegen het “terrorisme” bood een voorlopig buitenlands gevaar totdat de huidige wending naar een nieuwe Koude Oorlog met China zich kon installeren als voornaamste rechtvaardiging. Maar welke wereldwijde bescherming het Amerikaanse leger ook biedt aan de mondiale en kwetsbare bevoorradingsketens van vandaag, de enorme militaire uitgaven hebben ook bijgedragen tot de verwaarlozing van het onderhoud van de infrastructuur. Dat is nu dringend noodzakelijk geworden. Het oude “guns versus butter”-probleem doet zich meestal voor bij de neergang van economische systemen.

Terwijl de Amerikaanse regering wanhopig probeert de explosief stijgende kosten van haar buitenlandse en binnenlandse programma’s te beheersen, neemt zij haar toevlucht tot een moderne versie van de aloude muntontwaarding uit de oudheid. Het Federal Reserve System monetiseert tekorten in snelgroeiende omvang. Gezien de werkloosheid, de beperkte lonen en de buitensporige persoonlijke schulden vloeit de geldschepping niet naar reële investeringen, maar naar de aandelenmarkten. Daar is dus sprake van reële inflatie, die de welvaartsongelijkheid steeds verder aanwakkert. We krijgen de belofte dat de geldschepping zich nooit zal toespitsen op goederen en diensten, waardoor klassieke inflatie zou ontstaan. We krijgen de verzekering dat de Fed een dergelijke inflatie zal opmerken en onder controle zal houden als die dreigt. Deze beloften en garanties zijn bedoeld om te helpen voorkomen waarvan de beleidsmakers weten dat het angstaanjagende mogelijkheden zijn.

De bestorming van het Capitool op 6 januari heeft een geschokte natie meer bewust gemaakt van hoe diep haar sociale verdeeldheid is geworden en hoe haar sociale cohesie uiteen is gevallen. Degenen die het Capitool aanvielen, reageerden op de neergang van het kapitalisme met wanhopig verzet: tegen een verkiezingsuitslag, tegen politiek liberalisme, tegen multiculturalisme, tegen secularisme, enzovoort. Net als Trump probeerden zij de neergang van het kapitalisme te keren. Omdat hun ideologie hen verhindert die neergang te erkennen, redeneren zij anders. Ze geven de overheid de schuld en proberen haar daarom te ontmantelen. Toch heeft de Amerikaanse regering, via het oligopolie van de twee partijen in de Amerikaanse politiek, het Amerikaanse kapitalisme onophoudelijk gesteund. De partijen verschillen slechts gedeeltelijk van mening over de beste manier om dat te doen. Naarmate het verval voortschrijdt, ondanks de pogingen van de partijen om het te stoppen, loopt de frustratie uiteindelijk hoog op. De inspanningen worden extreem en verergeren daardoor het probleem in plaats van het op te lossen. De kabinetsleden van Trump wijdden zich vaak aan de vernietiging van hun respectieve departementen. De aanvallers van 6 januari streefden ook naar vernietiging. Dergelijke zelfvernietiging is een teken van vergevorderd systeemverval.

Als er nu geld wordt gestoken in de reeds lang verwaarloosde infrastructuur van de VS, dreigt een mislukking, vergelijkbaar met de buitenlandse hulp en de vele militaire avonturen van de VS. De federale uitgaven van de VS gaan altijd ofwel naar particuliere bedrijven voor de aankoop van goederen en diensten, ofwel naar buitenlandse of binnenlandse regeringen, lokaal, regionaal of nationaal. De ontvangende regeringen gebruiken ze ook voor contracten met particuliere bedrijven. Grote particuliere bedrijven zullen bijvoorbeeld het grootste deel van het werk voor het herstel en de modernisering van de infrastructuur in de VS uitvoeren.

De ingehuurde bedrijven zullen op hun beurt het aan hen betaalde geld gebruiken zoals zij al hun inkomsten uit al hun andere contracten gebruiken. Een deel van het geld zal naar de lonen en salarissen van de werknemers gaan, maar een groot deel zal naar alle andere “normale kosten van het zakendoen” gaan. Daartoe behoren hoge salarissen voor het middenkader en luxueuze beloningspakketten voor het hoger management, automatiseringsmachines, verplaatsing van fabrieken van gebieden met hogere lonen naar gebieden met lagere lonen om de winst te verhogen, dividendverhogingen voor aandeelhouders, rente op en aflossing van bedrijfsleningen, en honoraria betaald aan externe consultants (ingehuurd om te helpen bij het plannen van bedrijfsgroei, overzeese investeringen en het verijdelen) van vakbondsacties). Kortom, de federale uitgaven zullen in de zakken van de ondernemingen vloeien, die vervolgens het systeem zullen reproduceren dat in de afgelopen decennia de infrastructuur heeft verwaarloosd en de inkomens- en vermogensongelijkheid heeft vergroot.

De neergang van het systeem wordt veroorzaakt doordat de leiders de interne produktiestructuur van het Amerikaanse kapitalisme niet als een centraal probleem zien, laat staan dat ze die kunnen veranderen. Fabrieken, kantoren en winkels in de VS zijn bijna allemaal verdeeld tussen een dominante minderheid van eigenaren en directies tegenover een gedomineerde meerderheid van werknemers. Die structuur is zeer ondemocratisch. Werkgevers zijn geen verantwoording schuldig aan werknemers. Zij gebruiken hun positie om zichzelf te verrijken ten opzichte van de werknemers, en dat is de laatste halve eeuw steeds meer het geval geworden. De onstabiele investeringsbeslissingen van de minderheid (ingegeven door onverklaarbare onzekerheid en wat John Maynard Keynes “dierlijke geesten” noemde) leggen de samenleving steeds terugkerende, kostbare bedrijfscycli op. De spanningen en tegenstellingen tussen werkgevers en werknemers verstoren en ondermijnen de lichamelijke en geestelijke gezondheid en de veelgeroemde “efficiëntie” van het systeem op alle fronten.

Omdat de tekenen van het verval van het Amerikaanse kapitalisme worden ontkend of verkeerd begrepen, leiden zij ertoe dat individuen en groepen vaak hun toevlucht nemen tot gefrustreerde, misplaatste en wanhopige daden. Zij zijn blind voor het structurele probleem van een economisch systeem dat niet langer in staat is met zijn tegenstrijdigheden om te gaan. Zo versnelt de neergang: als een trein die over een spoor naar een stenen muur dendert. De meeste conducteurs en passagiers zien ofwel geen tekenen, ofwel merken zij ze op zonder ze in verband te brengen met hun basisprobleem: in een rijdende trein te zitten die op een stenen muur afstevent.

Omdat de tekenen van het verval van het Amerikaanse kapitalisme worden ontkend of verkeerd begrepen, leiden zij ertoe dat individuen en groepen vaak hun toevlucht nemen tot gefrustreerde, misplaatste en wanhopige acties. Zij zijn blind voor het structurele probleem van een economisch systeem dat niet langer in staat is met zijn tegenstrijdigheden om te gaan. Zo versnelt zich de neergang: als een trein die over een spoor naar een stenen muur dendert. De meeste conducteurs en passagiers zien ofwel geen tekenen, ofwel merken zij ze op zonder ze in verband te brengen met het basisprobleem: in een rijdende trein zitten die op een betonnen muur afstevent.


Dit artikel is tot stand gekomen door Economy for All, een project van het Independent Media Institute. De vertaling werd verzorgd door globalinfo.nl en bijgewerkt door plutopia.be. Het originele artikel “Increasing Desperation as the U.S. Capitalist System Declines” vind je hier.
De standpunten in dit artikel zijn uitsluitend die van de auteur en kunnen al dan niet een weergave zijn van de standpunten van Plutopia.

Richard D. Wolff

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here